Gejat?

‘Een keer iets stelen’ stond er lange tijd op mijn wishlist. Toen ik zes was  zag ik in de winkel een overheerlijk roze Donald duck kauwgompje. Ik pakte het op en nam het mee terwijl ik achter mijn moeder aanliep de winkel uit. Bij de fiets zag mijn moeder dat ik iets in mijn hand had, dat zij niet had gekocht en ik werd gesommeerd het direct terug te brengen. Met rode wangen omdat ik blijkbaar iets had gedaan wat niet mocht, gaf ik het snoepgoed terug aan de kassajuffrouw. ‘Je mag niet stelen!’ Zei mijn moeder streng terwijl ze me achterop haar fiets tilde.  Lees verder →

Zoet zwevende vlinders

‘Nee, ik wil niet.’ Dacht ik de eerste week na de vakantie iedere morgen als ik naar mijn werk reed. leuk  hoor, om collega’s weer te zien en nieuwe studenten te ontmoeten. Maar net zo lief was ik nog even thuis gebleven met mijn nog te lezen boeken, door de velden sjouwend met man en regenboogprins.image

Lees verder →

De laatste keer 7 zijn.

image

De hele dag vult hij zijn tijd en vraagt af en toe: ‘hoe lang duurt het nog voor ik cadeautjes krijg?’ Als hij in bed ligt schuif ik er even naast. Mijn hoofd naast die van hem. ‘Morgen ben ik 8’  fluistert hij. Dan is hij even stil. ‘Wel jammer dat ik dan niet meer 7 ben.’ En nog een paar tellen later. ‘Ik moet er bijna van huilen’.

De regenboogprins weet altijd zo kernachtig aan te geven hoe het vaak is in het leven. Reikhalzend kijk je soms uit naar wat nieuws. En als het zo ver is neem je toch ook met een kleine of soms een grote traan afscheid van wat niet meer is. Een ware levenskunstenaar heeft het leven van lief en mij verrijkt.