Langzaam optrekkende mist.

152A8B74-5F1B-46F4-AC81-8DD3861F2D9D

Het was een week om niet snel te vergeten.

Op maandagavond zag ik Marjon Moed, zij presenteerde de documentaire Single, waarin ze op zoek ging naar het antwoord op de vraag ‘Waarom heb ik geen man?’. Aan het eind van de avond zei ze ‘alles begint met één’. Die zin bracht me direct terug naar de theateravond met Lotte van den Berg (vorige blog) waar ik me los moest maken van de groep om een andere keuze te kunnen maken. Ik was toen alleen en bleef ook lange tijd alleen.

Op dinsdagochtend meldde een collega zich ziek waardoor ik de eindregie van  de kunst presentatie van de studenten ART&CREATIVITY op me moest nemen. De voorstelling heette Mist. En mistig en alleen voelde ik me toen ik naar het theater reed. Maar samen, studenten en ik, gingen we ervoor. Tijdens de voorstelling zag ik het proces van de minor voor mijn ogen zich herhalen. Alle eenlingen vlochten kleine rode draadjes aan elkaar tot een vrolijke chaotische kleurrijke bende, daarbij negatieve emoties, onbegrip, angst en kwetsbaarheid toelatend. En WIJ waren trots op onszelf aan het einde van de avond. Om 1.30 lag ik in bed.

Op woensdagmiddag haalde ik mijn pleegzoon van school en zag een klein moe kereltje naast me zitten die had gelogeerd bij één van zijn geliefde ex-pleegmama’s en tegelijk blij en verdrietig was, wat hem verwarde, want het was zo leuk, maar zo kort en hij vond mij ook lief, maar hij miste haar ook zo. Ik zag hoe de ingewikkelde dingen die hij moet zien te hanteren blauwe kringen onder zijn ogen getoverd hadden. Ik zag wat ik wel kon verlichten, maar niet voor hem kon dragen.

Op donderdagmiddag hielp hij mij met de voorbereidingen voor vrijdagmorgen en hij maakte een Icoon. Een beeld van een heilige, een soort Profeet, misschien Jezus, alhoewel de persoon op de tekening ook zeker wat weghad van Bin Laden, maar die gedachte liet ik snel weer los.

Op vrijdagmorgen heel vroeg vertrok ik met mijn Blossom030 kornuiten en de door mijn pleegzoon getekende Icoon naar Den Haag om drie uur lang vieringen te doen in de Bethelkerk in Den Haag, waar een Armeens gezin Kerkasiel heeft en 24 uur per dag mensen kerkdiensten houden. En daar tijdens die drie uur, voelde ik me goed. Ik voelde dat het juist was. Dat het goed was om daar te zijn, samen met mijn kornuiten. Dat het goed was en dat God zich altijd openbaart waar mensen voor ontmoeting, verzoening en recht gaan. Dat het begint bij een keuze die ik als individu maak, maar dat alleen samen met anderen deze keuze kracht krijgt.

Op zaterdagochtend fietste ik naar het  Geestdriftfestival waar Miroslav Volf sprak over de waarde van religie voor de samenleving en deze samenvatte als dat religie de mensen uiteindelijk wijst op ‘What should be’ . Het wijst ons de weg naar een groter verlangen dan het materiële. In de ‘Mist’ van grote technologische en economische wereldwijde ontwikkelingen kunnen we zoeken naar het goede, ware en schone.

Op zaterdagavond stond ik met mijn pleegzoon en zijn doorweekte halloweenballon bij een enorme witte lampion, in de vorm van een paard met daarop een man. St Maarten, die, zo schijnt, zijn dure mantel deelde met een bedelaar. Met honderden mensen liepen we mee in een verlichte optocht. Ook hier begon het met de keuze van één. En ook hier kwam de verlichting vanuit het samen. Dat voelde ik toen mijn lief zich even een kwartiertje bij ons aansloot.

En terwijl ik samen met mijn kleine prins naar huis reed bedacht ik me; één en één is drie, dat kan niet anders. En ook; WHAT A WEEK!

 

Geef een reactie