Knakkende knieën en een prik van een hommel.

De dode takken knisperen en kraken onder mijn voeten. In de verte zie ik een boom dwars over het pad liggen. Maar weinig bomen vertonen jonge groene blaadjes. Ik hoor geen vogels, het is alsof slechts enkele bomen nog zuchten.  Of is het een specht? De rest heeft het leven achter zich gelaten, die indruk krijg ik tenminste. Vanaf de landweg zijn we een wandelpad door het bos ingeslagen, maar zo’n doods bos heb ik zelden gezien.

Is het de droogte van vorige zomer die hier nog te zien is? Heeft dit stuk bos zich niet kunnen herstellen? Of zie ik door de Corona-pandemie plotseling de dood overal? Zie ik eerder de droge dorheid dan het nieuwe groen? Het zou kunnen en het geeft wel iets aan over hoe ik me zorgen maak denk ik. Het past ook goed bij de lijdensweek die we ingaan nu.
De regenboogprins, lief en ik volgen nu een onduidelijk pad. Na een tijdje blijkt dat dat pad uitkomt bij het erf van een boerderij. We lopen terug en volgen een ander pad. Bijna geruisloos houdt het op en we dwalen dan direct door het knisperende bos. De regenboogprins begint te mopperen. De struikjes waar we doorheen lopen prikken in zijn benen en hij denkt dat we het bos nooit meer uit komen. Lees verder →

De magie van de grabbelton

IMG_1783.JPG

De regenboogprins houdt van cadeautjes. En in het bijzonder van cadeautjes die hij kan vinden in de zogenaamde grabbeltonnen die vaak in kindvriendelijke restaurants zijn. Aangezien wij niet iedere week uit eten kunnen gaan, kan de prins dus ook niet iedere week grabbelen. Maar hij zou geen regenboogprins heten als hij daar geen goed alternatief voor zou kunnen vinden. Lees verder →

Bom d’r op!

imageEr was eens een vrouw. Een leuk mens. Een open mens. Ze was onderwijzeres.  Eerst in een school en later,  toen iedereen moest vluchten, gaf ze les in een kamp; ergens in een souterrain.  De omstandigheden waren niet ideaal. Er waren papieren en potloden, er was krijt, maar dat was het dan.  De kinderen echter bleven lachen en komen, dus de lerares bleef ook komen. Veel moeders probeerden jurkjes en truitjes te breien en daarna te verkopen om spullen voor ‘de school’ te kunnen kopen. De lerares sprak na haar lessen met hen. Ze luisterde naar verhalen over verkrachtingen en plunderingen. Ze sprak met de moeders, de vrouwen, de kinderen. Ze bad met ze. Ze was van grote waarde voor haar gemeenschap. Ze bracht hoop. Toen viel er een bom op het souterrain. Zeven kinderen en de lerares overleden.

Honey, I blew up the system

 

image

Pasen 2015. Terwijl ik iedere dag schreef over het thema lijden werd ik er langzaam mee vertrouwd. Ik was bang dat ik in een depressieve zeur zou veranderen, of een agressieve activist, of een melodramatische heks.  Want ik heb ze alledrie wel een beetje in me en door over lijden te schrijven was ik bang dat ik dat deel van mezelf zou vergroten. Maar niets gebeurde zoals verwacht. Lees verder →